LWEO

Hoofdstuk 6

Hoofdstuk 6

Kopen is kiezen

Als je iemand moet betalen, dan kun je dat op verschillende manieren doen: contant, maar ook elektronisch met een pinpas, met een creditcard en zelfs met een mobieltje. Er is sprake van contant betalen en giraal betalen.

Goederen en diensten worden geleverd door producenten en worden gebruikt of verbruikt door consumenten. In dit hoofdstuk komt aan bod wat consumeren precies is en wordt aandacht besteed aan enkele aspecten van het gedrag van consumenten. Welke factoren bepalen hun (koop)gedrag?

Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen eerste levensbehoeften en luxe behoeften.

Het doel van een onderneming (producent) is het maken van zo veel mogelijk winst of wel zo veel mogelijk afzet, omzet of een zo groot mogelijk marktaandeel.

Afzet is het aantal verkochte producten. De omzet is de waarde van de afzet en wordt berekend door het aantal verkochte producten te vermenigvuldigen met de verkoopprijs van het product.

Aan bod komt ook de zogenaamde marketingmix: prijs, product, promotie en plaats.

Links bij hoofdstuk 6
kieskeurig
consumentenbond
kassa vara
SIRE
reclamecode
Hoe zien de bankbiljetten uit … eruit?
fietsersbond
Goede Waar & Co

Begrippenlijst

Begrippenlijst hoofdstuk 6

acceptgiro
Hiermee geef je de bank opdracht geld van jou rekening af te halen en bij te schrijven op de rekening van een ander.
afzet
Het aantal verkochte producten.
bankbiljetten
Ruilmiddel dat in omloop wordt gebracht door De Nederlandsche Bank.
bestedingen
Producten die men aanschaft.
betaalrekening
Rekening bij een bank. Over het geld op een betaalrekening kun je direct beschikken. Met het geld op een betaalrekening kun je betalingen doen.
chartaal geld
Munten en bankbiljetten.
Consumentenbond
Organisatie die opkomt voor de belangen van de consument.
Consumentengids
Een gids (boek) dat voorlichting geeft over bepaalde producten.
consumentenorganisaties
Organisaties die opkomen voor de belangen van de consument.
consumentensoevereiniteit
De consumenten bepalen welke en hoeveel producten er worden geproduceerd.
consumeren
Het kopen van goederen en diensten.
contant betalen
Het betalen met munten of bankbiljetten.
creditcard
Bewijs van lidmaatschap van een creditcardorganisatie. Ter betaling kan men de creditcard overhandigen. De rekening gaat naar de kaardorganisatie die voor betaling zorg draagt en het bedrag op de koper verhaalt.
direct marketing
Het bedrijf richt zich rechtstreeks tot de potentiële klant met een op naam geadresseerde brief, een folder, een e-mailbericht, een nieuwsbrief of iets dergelijks
doelgroep
Een door bepaalde kenmerken te onderscheiden groep mensen waarop de ondernemer zich richt.
eerste levensbehoeften
Behoeften waarin je moet voorzien om te kunnen blijven leven.
giraal betalen
je betaalt met geld dat op je betaalrekening staat.
giraal geld
Geld op een bankrekening waarmee je kunt betalen.
ideële reclame
De reclameactie is gericht op het veranderen van het gedrag, zonder winstoogmerk.
investeren
Het kopen door de bedrijven van goederen en diensten die nodig zijn voor de productie.
keurmerken
Keurmerken hebben een eigen etiket en zijn bedoeld om consumenten snel te informeren over producteigenschappen.
koopgedrag
Hoe consumenten zich gedragen bij de aanschaf van goederen en diensten.
luxe behoeften
Behoeften die niet behoren tot de eerste levensbehoeften.
marketing
Alle manieren die gebruikt worden om producten zo goed mogelijk te verkopen.
marketingmix
De manier waarop een onderneming haar product aanbiedt. Bij de marketing mix worden de 4 p’s onderscheiden: prijs, product, plaats, promotie.
marketingtechnieken
Verkooptechnieken gericht op het beïnvloeden van consumenten.
marktaandeel
Het marktaandeel geeft weer welk deel van de totale markt in handen is van een onderneming.
massamedia
Media of communicatiemiddelen, waarmee een groot aantal mensen kan worden bereikt zoals televisie, radio, internet, kranten en tijdschriften
merk
Door middel van een merk onderscheid een product zich van andere producten. Het merk beoogt meestal garant te staan voor een bepaalde kwaliteit.
merchandising
Hierbij gaat het erom hoe producten door de fabrikant in een winkel worden gepresenteerd, zoals aparte rekken met alleen de producten van die fabrikant
mobiele portemonnee
Mobiele telefoon waarop je geld kunt laden en waarmee je vervolgens kunt betalen.
munten
Contante betaalmiddelen.
Nederlandse Reclame Code
Reclamemakers hebben zichzelf regels opgelegd in de Nederlandse Reclame Code.
omzet
De geldopbrengst van de verkochte producten.
overschrijvingsopdracht
Met een overschrijvingsopdracht geef je de bank opdracht om geld van jou rekening over te maken op iemand anders zijn rekening.
pincode
Geheime code bij een pinpas.
pinnen
Betalen met je pinpas.
pinpas
Een pasje (plastic kaart) waarmee je betalingen kunt doen. Het geld wordt dan door de bank van jou rekening naar iemand anders zijn rekening overgemaakt.
plaats
In de marketing wordt met plaats bedoeld de plek waarop een bedrijf goederen aanbiedt.
promotie
Alle verkoopbevorderende activiteiten van een onderneming die tot doel hebben de afzet te vergroten.
reclame
Het openlijk aanprijzen van een product.
Reclame Code Commissie
Als een consument denkt dat een bepaalde reclame misleidend is, kan hij een klacht indienen bij de Reclame Code Commissie.
rente
De beloning die betaald moet worden voor het lenen van geld en die ontvangen wordt voor het uitlenen van geld.
SIRE
Stichting Ideële Reclame.
spaarrekening
Een rekening waarop je kunt sparen. Over het gespaarde geld krijg je rente. Met een spaarrekening kun je geen betalingen verrichten.
verborgen reclame
Reclame die niet als zodanig wordt gepresenteerd maar verborgen zit in bijvoorbeeld films.
Wet Misleidende Reclame
Volgens deze wet mag reclame niet misleidend zijn. Als bijvoorbeeld van een product wordt geclaimd dat het goed is voor de gezondheid dan moet dat wel bewezen zijn. Zo niet, dan is die reclame misleidend en kan verboden worden.
zakgeld
Geld dat je krijgt van je ouders zonder dat je daar iets voor moet doen.