LWEO

Hoofdstuk 4

D

Hoofdstuk 4

Kopen is kiezen

Er zijn verschillende manieren waarop je kunt betalen: contant met munten of bankbiljetten en giraal met pinpas, acceptgiro of overschrijvingsopdracht. Om giraal te kunnen betalen moet je een betaalrekening (ook rekening-courant genoemd) hebben. Kopen betekent altijd kiezen. Als je het een koopt voor je geld, kun je iets anders niet kopen met datzelfde geld. Het is daarom belangrijk om de verschillende goederen met elkaar te vergelijken en een goede afweging te maken. Dat is niet altijd gemakkelijk, want reclamemakers doen er alles aan om hun product als het beste af te schilderen. Je moet sterk in je schoenen staan om daar weerstand aan te bieden.

 

Links bij hoofdstuk 4

kieskeurig
consumentenbond
Kassa (VARA)
SIRE
reclamecode
Hoe zien de bankbiljetten uit ……. eruit?

Begrippenlijst

Begrippenlijst Kopen en Werken hoofdstuk 4

afzet
De hoeveelheid verkochte producten uitgedrukt in eenheden, kg, liter, etc. Ander woord voor verkocht hoeveelheid.
chartaal geld
Munten en bankbiljetten in handen van het publiek.
consumentensoevereiniteit
De consument bepaalt wat en hoeveel er geproduceerd wordt.
contant betalen
Klant betaalt direct met munten en/of bankbiljetten.
direct marketing
Marketingstrategie waarbij een bedrijf zich rechtstreeks richt tot de mogelijke klanten. Bijvoorbeeld door een op naam geadresseerde brief of een telefoongesprek.
giraal betalen
Betalen met geld dat op je bankrekening (betaalrekening) staat door middel van een overschrijvingsopdracht of met een acceptgiro.
giraal geld
Geld van mensen op een rekening bij de bank waarover zij direct kunnen beschikken.
ideële reclame
Reclame, zonder winstoogmerk, om het gedrag van mensen te veranderen.
inferieure goederen
Goederen waarvan je bij een inkomensstijging minder koopt.
keurmerken
Extra etiket om consumenten snel te informeren over producteigenschappen. Bekende keurmerken zijn EKO-keurmerk, KEMA-keurmerk en Max Havelaar-keurmerk.
luxe goederen
Niet levensnoodzakelijke goederen.
marketing
Alle activiteiten binnen een onderneming die erop gericht zijn het product zo goed mogelijk te kunnen verkopen.
marketingmix
De manier waarop een onderneming haar product aanbiedt. Bij de marketing mix worden onderscheiden:
– prijsbeleid: de hoogte van de prijs, kortingen
– productbeleid: kwaliteit, verpakking, service
– plaatsbeleid: verkooppunten, wijze van distributie
– promotiebeleid: reclame, acties, voorlichting
marktaandeel
Het marktaandeel geeft weer welk deel van de totale markt in handen is van een onderneming. Het marktaandeel kan worden weergegeven in een percentage van de verkochte aantallen of in een percentage van de totale omzet.
massamedia
Communicatiemiddelen waarmee een groot aantal mensen kan worden bereikt, zoals dag- en weekbladen, film, video, internet en omroep.
merchandising
Het op een speciale wijze presenteren van de producten van een fabrikant in de winkel.
merk
Door middel van een merk onderscheidt een product zich van andere producten. Het merk beoogt meestal garant te staan voor een bepaalde kwaliteit.
mobiele portemonnee
Mobiele telefoon waarop je geld kun laden en waarmee je vervolgens kunt betalen.
omzet
(totale opbrengst)
De waarde van de verkochte producten. Is te berekenen door: verkochte hoeveelheid x verkoopprijs.
Nederlandse Reclame Code
Door de reclamemakers zelf opgestelde regels waaraan men zich moet houden.
pinnen
Met een bankpasje en de geheime pincode geld uit de geldautomaat halen.
pinpas
Een pasje (plastic kaart) waarmee je betalingen kunt doen. Het geld wordt dan door de bank van jouw rekening naar iemand anders zijn rekening overgemaakt.
plaats (-beleid)
In de marketing wordt met plaats bedoeld de plek waarop een bedrijf goederen aanbiedt. Onderdeel van de marketingmix waarbij het plaatsbeleid (aantal en kwaliteit van de verkooppunten, de wijze van distributie, etc.) centraal staat.
primaire goederen
Goederen die noodzakelijk zijn om van te leven.
promotie (-beleid)
Onderdeel van de marketingmix waarmee het geheel van verkoop bevorderende activiteiten wordt bedoeld gericht op het verhogen van de omzet. Dus alle verkoopbevorderende activiteiten van een onderneming die tot doel hebben om de afzet te vergroten.
Reclame Code Commissie
Commissie die de reclame beoordeelt op de door haar zelf opgestelde regels. Men kan bij deze instantie een klacht indienen als men van mening is dat een reclamemaker zich niet aan de Nederlandse Reclame Code heeft gehouden.
SIRE (Stichting Ideële Reclame)
Stichting die niet-commerciële reclame maakt gericht op het veranderen van gedrag.
verborgen reclame
Reclame die niet als zodanig wordt gepresenteerd maar verborgen zit in bijvoorbeeld films, zoals het gebruik van bepaalde producten in een soapserie.
Wet Misleidende Reclame
Volgens deze wet mag reclame niet misleidend zijn.

Extra Oefenopgaven

Dit hoofdstuk heeft enkele extra oefenopgaven. Deze kun je als Word-document downloaden door HIER te klikken.