LWEO

Hoofdstuk 6

Hoofdstuk 6

Het koeriersbedrijf van Ewout

Wat moet je allemaal weten als je ondernemer bent? Een ondernemer moet weten wat een balans is, wat er op een balans staat, waarom er een debetzijde en creditzijde is. Daarnaast is de resultatenrekening, ook wel winst- en verliesrekening genoemd, belangrijk in een onderneming. Op de resultatenrekening kun je lezen wat de opbrengsten zijn, wat de kosten zijn en of je winst hebt gemaakt. In dit hoofdstuk leer je een balans opstellen, je leert hoe financiële transacties leiden tot veranderingen op de balans en hoe je een resultatenrekening moet maken.
Tenslotte wordt aandacht besteed aan de btw, die voor de onderneming geen opbrengst geeft maar ook geen kostenpost is.

 

Links bij hoofdstuk 6

balans en resultatenrekening
omzetbelasting inclusief of exclusief btw

Begrippenlijst

Begrippenlijst Kopen en Werken hoofdstuk 6

afschrijven
Het doorberekenen van de kosten van bezittingen die een aantal jaren mee gaan. De waardevermindering van duurzame productiemiddelen (meestal per jaar gerekend).
balans
Een overzicht van de bezittingen (activa) en schulden (passiva) van een bedrijf op een bepaald moment.
bezittingen
Op de debetzijde (links) van een balans staan de bezittingen of activa van een onderneming.
btw
Belasting op de toegevoegde waarde of omzetbelasting.
crediteuren
Schulden aan leveranciers. Een leverancier (persoon of bedrijf) aan wie moet worden betaald voor het leveren van een goed of een dienst.
creditzijde
Op de creditzijde (rechts) van een balans staat het vermogen – eigen en vreemd vermogen – waarover een onderneming kan beschikken.
debetzijde
Op de debetzijde (links) van een balans staan de bezittingen van de onderneming.
debiteuren
Geld dat de onderneming tegoed heeft. Een persoon of bedrijf dat nog moet betalen voor geleverde goederen of diensten.
eigen vermogen
Het eigen vermogen bestaat uit de waarde van de bezittingen van een persoon of bedrijf minus de schulden van die persoon of dat bedrijf.
handelsonderneming
Onderneming die goederen inkoopt en verkoopt zonder die eerst te bewerken.
kosten
Offers die noodzakelijk moeten worden gebracht om het bedrijf te laten draaien.
kostprijs
De kosten uitgedrukt per eenheid product.
mutatiebalans
Een balans waarop een verandering wordt weergegeven als gevolg van een financiële transactie.
privéopname
De gelden of de goederen, die aan een eenmanszaak worden onttrokken voor privédoeleinden.
privéstorting
Geld dat de eigenaar van een eenmanszaak in zijn onderneming heeft gestort.
productieonderneming
Een bedrijf dat goederen maakt of bewerkt of diensten verleent. De onderneming maakt die producten zelf.
resultatenrekening
Een overzicht van de opbrengst, de kosten en het resultaat (= winst of verlies) over de afgelopen periode.
stroomgrootheid
Grootheid die over een bepaalde periode wordt gemeten, bijvoorbeeld inkomen.
voorraadgrootheden
Grootheden die op een bepaald moment of tijdstip wordt gemeten, bijvoorbeeld vermogen.
vreemd vermogen
Het vreemde vermogen bestaat uit de schulden (geleend geld) van een persoon of bedrijf. Vreemd vermogen moet worden terugbetaald en er moet rente over worden betaald.

Extra Oefenopgaven

Dit hoofdstuk heeft enkele extra oefenopgaven. Deze kun je als Word-document downloaden door HIER te klikken.