LWEO

Hoofdstuk 8

 

Hoofdstuk 8

Markten

Een markt is een plaats waar vragers en aanbieders elkaar ontmoeten, zoals een winkel, een marktkraam, een veiling of een supermarkt. Maar ook het internet is een plaats waar vragers en aanbieders elkaar treffen. De vragers zijn de kopers van producten, de aanbieders zijn de verkopers van producten.
Er zijn verschillende soorten markten zoals:
→ De markten voor goederen en diensten, waarbij de prijs door vraag en aanbod tot stand komt.
→ De arbeidsmarkt, waar vraag en aanbod van arbeid de prijs van arbeid bepaalt. De prijs van arbeid is het loon.
→ De vermogensmarkt, waar geld wordt aangeboden en geld wordt gevraagd. De aanbieders op deze markt zijn bijvoorbeeld de banken, de vragers zijn consumenten die geld willen lenen om een huis of auto te kopen. De prijs van geld lenen en uitlenen is de rente.
→ De valutamarkt, waar vragers en aanbieders van valuta (bijvoorbeeld dollars, yens of euro’s) de prijs (wisselkoers) van valuta bepalen.

Links bij hoofdstuk 8

marktvormen (7’58”)
evenwichtsprijs berekenen

Begrippenlijst

Begrippenlijst Kopen en Werken hoofdstuk 8

aanbodlijn
De aanbodlijn geeft grafisch het verband weer tussen de prijs van een goed en de aangeboden hoeveelheid van dat goed. Deze aanbodlijn kan zowel het individuele als het collectieve aanbod weergeven.
betalingsbereidheid
Het maximale bedrag dat je voor iets wilt betalen.
consumenten
Kopers van goederen en diensten zonder de intentie deze te verkopen of te verwerken voor de verkoop.
diensten
Niet-materiële (= onstoffelijke) goederen zoals een taxirit, een bezoek aan de huisarts, een toneelvoorstelling, enzovoorts.
evenwichtshoeveelheid
Het aantal producten dat bij de evenwichtsprijs wordt aangeboden en gevraagd.
evenwichtsprijs
De prijs die tot stand komt indien de vraag gelijk is aan het aanbod.
goederen
Materiële producten
heterogene goederen
Goederen en diensten waarvan de exemplaren in de ogen van de consument verschillen. Het maakt uit van welke aanbieder het product afkomstig is.
homogene goederen
Goederen die in de ogen van de consument volkomen gelijk zijn.
kartel
Aanbieders maken onderling afspraken met als doel de concurrentie te verminderen.
leveringsbereidheid
De bereidheid van de aanbieder om bij een bepaalde prijs een bepaalde hoeveelheid te leveren.
markt
Plaats waar vragers en aanbieders elkaar ontmoeten.
model
Een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid. Een model beschrijft slechts de samenhang tussen de belangrijkste (economische) grootheden.
monopolie
Markt waarbij slechts één aanbieder is.
monopolistische concurrentie
Een marktvorm waarop de feitelijke verschillen tussen producten van verschillende aanbieders klein zijn, maar waarop consumenten de producten toch verschillend waarderen. Er zijn veel aanbieders en het product is heterogeen. Een ondernemer kan binnen zekere grenzen de prijs zelf bepalen.
oligopolie
Een marktvorm met een beperkt aantal aanbieders of enkele grote aanbieders die het overgrote marktaandeel in handen hebben.
producenten
Makers van goederen en diensten.
vraaglijn
De vraaglijn geeft het verband weer tussen de prijs en de gevraagde hoeveelheid.
volkomen concurrentie
(= volledige mededinging) Marktvorm met een groot aantal vragers en aanbieders, homogene producten, vrije toe- en uittreding en volledige transparantie. De individuele aanbieder heeft geen invloed op de prijs.

Extra Oefenopgaven

Dit hoofdstuk heeft enkele extra oefenopgaven. Deze kun je als Word-document downloaden door HIER te klikken.