LWEO

Vraag en Aanbod

Inleiding
vraagenaanbod1

Elke markt bestaat uit een vraagkant en een aanbodkant.
Er zijn ontelbaar veel markten. Deze lesbrief geeft eerst een overzicht van verschillende soorten  markten. De kledingmarkt is een voorbeeld van een goederenmarkt. Van die kledingmarkt gaan we  een specifieke markt, die van spijkerbroeken, nader bekijken.
Eerst belichten we de vraagkant, de koperskant. We onderzoeken het gedrag van consumenten bij het kopen van een spijkerbroek. Waar letten zij op bij de aankoop er van?
Dan de aanbodkant. De vraag hierbij is: waarvan is het aanbod afhankelijk? Om deze vraag te  beantwoorden gaan we eerst de productie van spijkerbroeken bekijken. Spijkerbroeken kunnen pas worden aangeboden of verkocht als ze gefabriceerd zijn. De productie gaat gepaard met kosten. Opbrengsten en kosten bepalen het resultaat, winst of verlies. Die informatie geeft de resultatenrekening van een bedrijf. Daarnaast biedt de balans van het bedrijf inzicht in de omvang en samenstelling van de productiemiddelen of bezittingen van een bedrijf en hoe die zijn gefinancierd. Met eigen geld of geleend geld. Geleend geld is een schuld die terugbetaald moet worden.
Wie hiervoor aansprakelijk is, heeft te maken met de rechtsvorm die de producent kiest.
Vervolgens worden vraag en aanbod met elkaar geconfronteerd: de markt van spijkerbroeken. Het marktmechanisme zorgt voor een prijs, waarbij vraag en aanbod aan elkaar gelijk zijn en een marktevenwicht ontstaat. Vraag en aanbod kunnen aan veranderingen onderhevig zijn. Wat gebeurt er dan met prijs? De markt van spijkerbroeken is een voorbeeld van een goederenmarkt.
Tot slot bekijken we twee andere soorten markten: de arbeidsmarkt en de vermogensmarkt.