LWEO

Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 1

Goede tijden, slechte tijden

Inleidend hoofdstuk op de lesbrief.
De economie groeit niet gestaag maar kent tijden van hoogconjunctuur (goede tijden) en slechte tijden (laagconjunctuur).
Hoogconjunctuur kenmerkt zich door een sterke groei van het bruto binnenlands product, groei van de werkgelegenheid en dus een laag werkloosheidspercentage, een hoge bezettingsgraad, een hoge vacaturegraad, een hoog consumenten- en producentenvertrouwen en een afname van het aantal faillissementen.
Laagconjunctuur daarentegen kenmerkt zich door een zwakke groei of zelfs krimp van het bruto binnenlands product, een afname van de werkgelegenheid en toename van het werkloosheidspercentage, een lage bezettingsgraad, een lage vacaturegraad, een laag consumenten- en producentenvertrouwen en een toename van het aantal faillissementen.

Links:
De conjuncturele ontwikkeling: videofilmpje van Teleac (15 minuten)

Begrippenlijst


— — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — —