LWEO

Hoofdstuk 5

Hoofdstuk 5

Het beroepsgoederenvervoer over de weg

Inhoudsopgave hoofdstuk 5
5.1 Vraag en aanbod op de arbeidsmarkt voor vrachtwagenchauffeurs
5.2 Verschuivingen van de vraaglijn en de aanbodlijn
5.3 De perfecte arbeidsmarkt
5.4 De arbeidsmarkt werkt niet perfect
5.5 Transfer
5.6 Zelftest
Leerdoelen hoofdstuk 5

De arbeidsmarkt voor vrachtwagenchauffeurs is een deelmarkt van de totale arbeidsmarkt. Op de arbeidsmarkt komen vraag naar arbeid en aanbod van arbeid samen.

Het aanbod van arbeid is afhankelijk van:
– de hoogte van het loon
– de bevolkingsomvang (participatiegraad, immigratie..)
– de wetgeving (leerplichtleeftijd, pensioenleeftijd, rijbewijs)
– maatschappelijke opvattingen (ook vrouwen moeten een eigen inkomen verwerven)
– gezondheidszorg
– etc.

De vraag naar arbeid wordt uitgeoefend door werkgevers (en zelfstandigen): zij vragen arbeidskracht.
De vraag naar arbeid is afhankelijk van:
– de hoogte van het loon
– de hoogte van de productie/bestedingen
– de stand van de techniek

Aanbod van arbeid (= beroepsbevolking) = werklozen + werknemers + zelfstandigen.
Vraag naar arbeid = werknemers + zelfstandigen + vacatures.

De werkgelegenheid bestaat uit het aantal mensen dat een baan heeft: de werknemers en de  zelfstandigen.
Evenwichtsloon
Hoe hoger het uurloon, hoe meer mensen bereid zijn om te werken. Hoe lager het uurloon hoe hoger de vraag van werkgevers naar arbeidskrachten.
Als de vraag naar arbeid gelijk is aan het aanbod van arbeid is er sprake van evenwichtsloon.
Zolang de vraag en het aanbod op de arbeidsmarkt alleen bepaald worden door de hoogte van het loon, komt het evenwicht tot stand via verschuivingen over de vraaglijn of aanbodlijn zelf.
Als ook andere factoren een rol gaan spelen (immigratie, de export zakt in) zal de vraaglijn of aanbodlijn zelf verschuiven.

Werknemers- en werkgeverssurplus
De vraag naar arbeid ( = vraaglijn) is een weergave van de betalingsbereidheid van de werkgever. De aanbodlijn geeft een beeld van de leveringsbereidheid van de werknemers.
Het werkgeverssurplus is het verschil tussen het (hogere) loon dat de werkgever bereid is te betalen en het evenwichtsloon. Het werknemerssurplus is het verschil tussen het evenwichtsloon en het (lagere) loon waarvoor een werknemers bereid is te werken.
Bij het evenwichtsloon is de som van werknemerssurplus en werkgeverssurplus ( = welvaartswinst) maximaal.
grafiek1vervoer2

Volkomen concurrentie
Een markt van volkomen concurrentie kenmerkt zich door:
– homogeen product
– transparantie (iedere vrager en aanbieder heeft volledig inzicht in het totale aanbod, de prijs en eventuele andere voorwaarden).
– vrije toetreding en vrije uittreding
– veel vragers en aanbieders (geen enkele vrager/aanbieder heeft invloed op de prijs (loon).

Marktimperfecties
Op de arbeidsmarkt is geen sprake van volkomen concurrentie (volledige mededinging).
– De arbeidsmarkt bestaat niet, het zijn allemaal deelmarkten.
– Arbeid is geen homogeen product: arbeidskrachten hebben specifieke kennis, opleiding, ervaringen, etc..
– De arbeidsmarkt is niet transparant: werkgevers weten maar weinig over werknemers, er is sprake van asymmetrische (ongelijke) informatie.
– Er is ook geen sprake van vrije toetreding: voor bepaalde beroepen, jobs zijn diploma’s vereist.
– Er zijn marktpartijen die invloed hebben op de hoogte van het loon. De overheid bepaalt het minimumloon en vakbonden kunnen in cao’s hogere lonen bedingen.

Links
Hoe teken ik een vraaglijn? videofilmpje (9 minuten)
Hoe teken ik een aanbodlijn? videofilmpje (9 minuten)
Vraag, aanbod en marktevenwicht: videofilmpje (10 minuten)

Leerdoelen hoofdstuk 5
– Noemen uit welke delen de vraag naar arbeid is samengesteld.
– Noemen uit welke delen het aanbod van arbeid is samengesteld.
– Uitleggen dat marktevenwicht ontstaat als vraag en aanbod aan elkaar gelijk zijn en dit zowel grafisch als rekenkundig onderbouwen.
– Tekenen van een vraaglijn en een aanbodlijn.
– Voorbeelden geven van factoren waardoor de vraaglijn en/of aanbodlijn kunnen verschuiven naar links of naar rechts en dit zowel grafisch als rekenkundig onderbouwen.
– Verklaren dat er sprake is van beperkte of ongelijke toetreding en prijsregulering (minimumloon, cao) op de arbeidsmarkt.
– Het marktevenwicht grafisch en algebraïsch bepalen.
– Uitleggen wat er gebeurt als het feitelijke loon niet gelijk is aan het evenwichtsloon.
– Beschrijven waarom de werkelijke situatie op de arbeidsmarkt afwijkt van het theoretische model.
– Uitleggen dat er bij een goed werkend marktmechanisme geen werkloosheid is.
Kernbegrippen hoofdstuk 5
arbeidsmarkt, aanbod van arbeid, beroepsbevolking, vraag naar arbeid, vacature, werkgelegenheid, participatiegraad, betalingsbereidheid, marktevenwicht, evenwichtsloon, evenwichtshoeveelheid, werknemerssurplus, werkgeverssurplus, welvaartswinst, homogeen product, vrije toetreding en uittreding, transparant, collectieve arbeidsovereenkomst (cao), algemeen verbindend verklaren, minimumloon, asymmetrische informatie, marktimperfectie.

 

Begrippenlijst

Begrippenlijst hoofdstuk 5

aanbod van arbeid
Personen tussen de 15 en 65 jaar die willen en kunnen werken: zij bieden hun arbeid(skracht) aan op de arbeidsmarkt. Bestaat uit de mensen in loondienst, de zelfstandigen en de geregistreerde werklozen

algemeen verbindend verklaren
De cao die tot stand is gekomen in overleg met de vakbonden en de werkgever(s) wordt bij wet van toepassing voor de gehele bedrijfstak.

arbeidsmarkt
Vraag naar en aanbod van arbeid.

asymmetrische informatie
De ene partij (werknemer) beschikt over meer informatie dan de andere partij (werkgever), of omgekeerd.

beroepsbevolking
Alle personen tussen de 15 en 65 jaar die betaald werk kunnen en willen verrichten (voor 12 of meer uur per week) en daarvoor op korte termijn beschikbaar zijn. De beroepsbevolking bestaat uit werknemers, werklozen en zelfstandigen en wordt onderscheiden in de werkzame beroepsbevolking en de werkloze beroepsbevolking.

betalingsbereidheid
Het aantal werknemers dat een werkgever in dienst wil nemen bij een bepaald loon.

collectieve arbeidsovereenkomst (cao)
Overeenkomst tussen werkgever of werkgeversbonden en georganiseerde werknemers (vakbonden) over de lonen en andere arbeidsvoorwaarden, die in de individuele arbeidsovereenkomst moeten worden gerespecteerd.

evenwichtshoeveelheid
Vraag en aanbod bij de evenwichtsprijs.

evenwichtsloon
Het loon waarbij er evenwicht is op de arbeidsmarkt. Bij dat loon is de vraag naar arbeid gelijk aan het aanbod van arbeid.

homogeen product
Producten die in de ogen van de consument volstrekt identiek zijn.

marktevenwicht
Vraag en aanbod zijn aan elkaar gelijk.

marktimperfecties (marktonvolkomenheden)
De markt werkt niet volgens het model.

minimumloon
Het loon dat iemand van 23 jaar wettelijk moet krijgen.

participatiegraad (deelnemingspercentage)
Het percentage dat aangeeft hoeveel procent van de bevolking van 15 tot 65 werkt of wil werken.

transparante markt
De markt is transparant (doorzichtig) als de deelnemers aan het economisch proces volledig op de hoogte zijn van de marktsituatie, dat wil zeggen dat de kopers en verkopers weten welke producten en kwaliteiten er aangeboden worden, waar en tegen welke prijzen, wie wat wil kopen en verkopen enzovoorts.

vacature
Onbezette arbeidsplaats waarvoor personeel wordt gezocht.

vraag naar arbeid
De hoeveelheid arbeid(-skrachten) die de werkgevers gezamenlijk willen “kopen” (= in dienst nemen). Bestaat uit werkgelegenheid en vacatures. Anders geformuleerd: bestaat uit de vraag naar werknemers, de vraag naar arbeidskracht van zelfstandigen en de vacatures.

vrije toetreding en uittreding
Er zijn geen belemmeringen om tot een markt toe te treden, zoals vestigingseisen en er zijn geen belemmeringen om uit een markt te stappen.

werkgelegenheid
Is gelijk aan het aantal feitelijk bezette banen in een land (arbeidsvolume). Deze wordt meestal uitgedrukt in arbeidsjaren maar kan ook uitgedrukt worden in personen.
Als de werkgelegenheid uitgedrukt is in arbeidsjaren betekent dit dat alle bezette banen omgerekend worden naar voltijdbanen.
Bij de werkgelegenheid uitgedrukt in personen telt elke werkende, in deeltijd of in voltijd, als één persoon.
De werkgelegenheid bestaat uit werknemers en de zelfstandigen.

welvaartswinst
Werkgeverssurplus + werknemerssurplus

werkgeverssurplus
Het voordeel dat vragers naar arbeid hebben als ze niet zoveel loon hoeven te betalen als ze bereid waren te doen (welvaart verhogend).

werknemerssurplus
Het voordeel dat aanbieders van arbeid hebben als ze meer loon krijgen dan het loon die voor hen voldoende was geweest.

 

Extra Oefenopgaven

Dit hoofdstuk heeft enkele extra oefenopgaven. Deze kun je als Word-document downloaden door HIER te klikken.