LWEO

hoofdstuk 1

hoofdstuk 1

Begroten voor iedereen

Jongeren ontvangen vaak geld uit verschillende bronnen, waar ze soms wel een tegenprestatie voor moeten leveren (bijbaan) en soms niet(zakgeld). Bij de besteding van dat geld moeten ze keuzes maken. Het maken vaneen goede begroting, waarin de verwachte inkomsten en de verwachte uitgaven tegenover elkaar staan, kan bij dit keuzeproces helpen. Hierbij worden verschillende soorten uitgaven onderscheiden: huishoudelijke uitgaven, vaste lasten en reserveringsuitgaven. Na het maken van de begroting wordt het duidelijk of er naar verwachting in de komende periode geld over is of geldtekort. Bij een tekort op de begroting moeten er maatregelen genomen worden,zoals bezuinigen op de uitgaven, zorgen voor extra inkomen of geld lenen. Als er geld over is, kan dat gespaard worden voor eventuele toekomstige uitgaven.

Ook de regering presenteert elk jaar een begroting. De rijksbegroting wordt altijd op Prinsjesdag aan het parlement aangeboden, samen met de Miljoenennota. In de rijksbegroting staan de bedragen die de overheid het komende jaar verwacht te ontvangen, zoals belastingen, sociale premies en overige ontvangsten. Daarnaast worden ook de verwachte uitgaven vermeld, bijvoorbeeld aan (nieuwe) wegen, onderwijs of andere zaken.

links
Hoeveel kleedgeld? (www.nibud.nl)
Budgetlijn (video 2 min.)
Prinsjesdag (www.rijksoverheid.nl)

begrippenlijst

Begrippenlijst hoofdstuk 1


— — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — 

extra oefenopgaven

Extra oefenopgaven (Word)