LWEO

hoofdstuk 3

hoofdstuk 3

Werkgelegenheid

Productie, arbeidsproductiviteit en werkgelegenheid

  Productie
Werkgelegenheid = ———————————
  Arbeidsproductiviteit

Of met indexcijfers:

  Indexcijfer productie  
Indexcijfer werkgelegenheid = ——————————————– × 100
  Indexcijfer arbeidsproductiviteit  

Het gebruik van indexcijfers is raadzaam als de veranderingen van de grootheden gegeven zijn in procenten. Een hoge arbeidsproductiviteit betekent dat met een beperkte inzet van arbeid een hoge productie wordt gerealiseerd. De centrale motor voor de stijging van de arbeidsproductiviteit is de technologische ontwikkeling. Om technische ontwikkelingen te stimuleren is de prikkel tot innoveren noodzakelijk. De prikkel tot innoveren ontstaat door concurrentie. Bedrijven zijn voortdurend bezig het product dat zij op de markt brengen te verbeteren en/of goedkoper te maken om zo de concurrentie met andere bedrijven aan te kunnen. Innovatie vereist ook dat bedrijven via scholing investeren in menselijk kapitaal. Door scholing en onderzoek zijn bedrijven in staat hun producten voortdurend te verbeteren en nieuwe productietechnieken te ontwikkelen.

Arbeidsintensief, kapitaalintensief
Als de productiewijze arbeidsintensief is, wil dat zeggen dat er veel arbeid wordt ingezet in verhouding tot het kapitaal. De loonkosten per product bepalen dan in sterke mate de kostprijs van een product. De productiewijze is kapitaalintensief als er in verhouding veel kapitaal ten opzichte van arbeid wordt ingezet. Arbeidsintensief en kapitaalintensief zijn relatieve begrippen.

Loonkosten, arbeidsproductiviteit en loonkosten per product
Het verband tussen loonkosten per werknemer, de arbeidsproductiviteit en de loonkosten per product kan als volgt in een formule worden weergegeven:

  Loonkosten per werknemer
Loonkosten per product = ——————————————-
  Arbeidsproductiviteit

Of met indexcijfers:

  Indexcijfer loonkosten per werknemer  
Indexcijfer loonkosten per product = ——————————————————– × 100
  Indexcijfer arbeidsproductiviteit  


Diepte-investering en breedte-investering
Bij een diepte-investering koopt een bedrijf machines waardoor de verhouding tussen kapitaal en arbeid toeneemt en de productie kapitaalintensiever wordt. Het gevolg is dat de arbeidsproductiviteit stijgt. Koopt een bedrijf machines waarbij de verhouding tussen kapitaal en arbeid gelijk blijft, dan is er sprake van een breedte-investering. De arbeidsproductiviteit blijft dan gelijk en de productie net zo kapitaalintensief en arbeidsintensief.
De omvang van de werkgelegenheid wordt bepaald door:
– de prijsgevoeligheid van de vraag
– de ontwikkeling van de welvaart
– de kostenontwikkeling ten opzichte van het buitenland (lonen en arbeidsproductiviteit)

Productiewaarde, productievolume en prijs

  Indexcijfer productiewaarde  
Indexcijfer productievolume = —————————————————- × 100
  Prijsindexcijfer  


Creatie en destructie van werkgelegenheid

Er zijn bedrijven die groeien en werkgelegenheid creëren en er zijn bedrijven die krimpen of failliet gaan en daardoor werkgelegenheid vernietigen. Het saldo van baancreatie en baandestructie is de verandering in de werkgelegenheid. Het proces dat leidt tot groei en krimp van banen noemen we creatieve destructie. De bedrijven die afvallen of krimpen zijn meestal bedrijven met een relatief lage arbeidsproductiviteit ten opzichte van de concurrentie. Als deze bedrijven vervangen worden door nieuwe efficiëntere bedrijven leidt dit tot een gemiddeld hogere arbeidsproductiviteit voor de gehele economie.

Conjunctuur en werkgelegenheid
Op korte termijn is de vraag naar arbeid afhankelijk van de conjunctuur. Een afname van de groei en zeker een krimp van de economie kan leiden tot een ruime arbeidsmarkt. De vraag naar arbeid is dan gedaald omdat veel werknemers overbodig zijn geworden. Een sterke groei van de economie vergroot de vraag naar arbeid en versterkt de krapte op de arbeidsmarkt. Het gevolg hiervan is een situatie met een lage werkloosheid en een groot aantal vacatures.

Loonelasticiteit van de vraag naar arbeid

  Procentuele verandering van de arbeidsvraag  
Loonelasticiteit van de arbeidsvraag = —————————————————————- × 100
  Procentuele verandering van het loon  

links
Arbeidsproductiviteit en diepte investeringen (video 8 min.)
Indexcijfers (video 4 min.)
Bedrijfsfilm   (video 8 min.)

begrippenlijst

Begrippenlijst hoofdstuk 3


— — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — 

[/tab]
extra oefenopgaven

Extra oefenopgaven (Word)