LWEO

hoofdstuk 2

hoofdstuk 2

Jeugd

Inkomensverdeling
Sommige mensen hebben een laag inkomen en anderen een hoog inkomen. Hoe die inkomens verdeeld zijn kun je laten zien met een lorenzcurve of berekenen met de Gini-coëfficiënt. De inkomensverdeling laat zien welk deel van het totale inkomen een bepaalde groep van de mensen heeft. De overheid kan de inkomensverdeling in een land beïnvloeden door de manier waarop zij belasting heft. Als iedereen hetzelfde bedrag betaalt worden de relatieve inkomensverschillen groter en als de mensen met een hoog inkomen een hoger percentage belasting betalen worden de verschillen juist kleiner.

Consumeren is het kopen van producten voor de bevrediging van je behoeften. Je besteedbare inkomen kun je meteen consumeren, maar je kunt er ook voor kiezen je consumptie te verplaatsen naar de toekomst door te sparen. Hierbij is sprake van intertemporele ruil of ruilen over de tijd. Ook bij consumeren met geleend geld is er sprake van ruilen over de tijd. Door te lenen wordt het moment van consumptie vervroegd.

De intertemporele ruil speelt ook bij de keuze voor werken of doorleren. Wie op jonge leeftijd kiest voor een baan, de ‘vroegverdiener’, heeft al op jonge leeftijd een inkomen en volop mogelijkheden om te consumeren. Wie kiest voor doorleren, de ‘laatverdiener’, zal zijn consumptie moeten matigen.

links
Lorenzcurve en de inkomensverdeling (video 13 min.)
Ruilen over de tijd (video 15 min.)

begrippenlijst

Begrippenlijst hoofdstuk 2


— — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — 

extra oefenopgaven

Extra oefenopgaven (Word)