LWEO

Hoofdstuk 4

hoofdstuk 4

De arbeidsmarkt

Op de arbeidsmarkt komen vraag naar de productiefactor arbeid en aanbod van de productiefactor arbeid bij elkaar. Het aanbod van arbeid (= de beroepsbevolking) bestaat uit de werkzame beroepsbevolking (= de werkenden) + de werklozen. De werkloosheid kan uitgedrukt worden in personen of in procenten van de beroepsbevolking: werklozen/beroepsbevolking × 100%.
De vraag naar arbeid bestaat uit de werkgelegenheid (= de werkenden) + de vacatures (= openstaande banen). De werkgelegenheid wordt door twee factoren bepaald: de productie (= het bbp) en de arbeidsproductiviteit (= de productie per werkende per tijdseenheid). De werkgelegenheid stijgt als het bbp sterker stijgt dan de arbeidsproductiviteit.

Als het economisch goed gaat, is de vraag naar arbeid relatief hoog en zal het gat tussen vraag naar arbeid en aanbod van arbeid klein zijn. We spreken dan van een krappe arbeidsmarkt, waarbij de looneisen toenemen en er meer loonkosteninflatie ontstaat. Is er relatief weinig vraag naar arbeid, dan is het gat tussen vraag en aanbod groot en spreken we van een ruime arbeidsmarkt, waarbij de kans op loonstijgingen klein is.
We onderscheiden in hoofdzaak twee soorten werkloosheid. Enerzijds is er werkloosheid die veroorzaakt wordt door de conjunctuurfase waarin een economie zich bevindt, de zogenaamde conjuncturele werkloosheid bij een laagconjunctuur. Anderzijds is er ook in het bestedingsevenwicht altijd een groep werknemers werkloos: de structurele werkloosheid, ook wel natuurlijke werkloosheid genoemd.

De laatste decennia is het aandeel van mensen met een vast arbeidscontract steeds verder afgenomen en werken steeds meer bedrijven met een kern van vaste werknemers met daaromheen een steeds grotere flexibele schil van flexwerkers en zzp’ers. Veel werkenden in deze flexibele schil ervaren een grote mate van onzekerheid over hun toekomst, hetgeen verlammend werkt op het nemen van belangrijke levensbeslissingen zoals trouwen, een huis kopen en een gezin starten.

begrippenlijst

Begrippenlijst


— — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — 

extra oefenopgaven

Extra oefenopgaven (Word)