LWEO

hoofdstuk 1

hoofdstuk 1

Internationale handel

Door globalisering wordt de productie steeds meer over de wereld verspreid, waardoor de rol van internationale handel ook belangrijker wordt. De theorie van de comparatieve kostenverschillen bewijst dat alle landen voordeel kunnen behalen met internationale handel als zij zich specialiseren in die productie waarbij zij de laagste opofferingskosten hebben. Dit leidt tot een internationale arbeidsverdeling, waarbij productie zoveel mogelijk daar plaatsvindt waar dat relatief het goedkoopste is. Comparatieve kostenverschillen worden meestal veroorzaakt door verschillen in de beschikbare hoeveelheid arbeid en kapitaal en de hoogte van de totale factorproductiviteit.

Als overheden binnenlandse sectoren willen beschermen tegen buitenlandse concurrentie, dan kunnen zij verschillende protectionistische maatregelen invoeren. Om de voordelen die vrijhandel met zich mee kan brengen te benutten, zullen de meeste landen juist de samenwerking met andere landen opzoeken. Dat kan via het lidmaatschap van organisaties of door het sluiten van handelsverdragen. De samenwerking kan verder worden uitgebreid als landen economisch steeds verder willen integreren. Een voorbeeld hiervan is de Economische en Monetaire Unie (EMU), met de euro als betaalmiddel.

links
Ricardo (video 1 min.)
Theorie van de comparatieve kostenverschillen (uitlegvideo 16 min.)
Internationaal scheepvaartvervoer (video 9 min.)
Handelsoorlog VS – China (video 3½ min.)
De VOC als eerste multinational (video 8 min.)
Belastingontwijking door mno’s (video 10 min.)
Vrijhandel en protectionisme (video 6 min.)
Economische integratie (video 5 min.)
Internationale concurrentiepositie (video 9 min.)

begrippenlijst

Begrippenlijst hoofdstuk 1


— — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — 

extra oefenopgaven

Extra oefenopgaven (Word)