LWEO

Hoofdstuk 2

hoofdstuk 2

De jeugd

Veel jongeren hebben eigen middelen. Ze krijgen zakgeld of hebben een baantje. Als ze hun inkomen uitgeven aan kleding, uitgaan, bellen, enzovoort, is er sprake van consumptie. Het deel van je inkomen dat je niet uitgeeft, wordt gespaard. Als je meer wilt uitgeven dan je hebt, moet je geld lenen.

Ruilen over de tijd
Sparen is het uitstellen van consumptie en lenen is het vervroegen van consumptie. Er wordt geruild over de tijd. Geld verdienen en geld uitgeven gebeuren in verschillende periodes. Als je geld leent, moet je rente betalen en als je spaart, ontvang je rente.

links
Dit is de donkere kant van het leenstelsel (video 3 min)

begrippenlijst

— — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — 
extra oefenopgaven

Extra oefenopgaven (Word)